Een druppeltje waarheid
satsangfragment
Stilte Zijn
V: Ik hoorde je laatst zeggen: Realisatie is afhankelijk van de mate van ontvankelijkheid. Hangt dat af van de ideeën die je er op nahoudt?
H: Ja, en hoe sterk je daaraan vasthoudt. Eigenlijk staat er niks in de weg
behalve ideeën. En een idee is eigenlijk niks. Maar als je heel erg vastklampt
aan iets, dan maakt je dat ondoorlaatbaar, onbenaderbaar, dan wordt het een
soort muurtje. Maar als je totaal stil wordt, hebben ideeën op dat moment geen macht. Dan welt er iets op; als je aan je lichaam hecht, lijkt het alsof er iets in
je hart opwelt, een liefde, warmte, aanwezigheid. Als we heel ontvankelijk zijn
als dat gebeurt, dan kunnen we dat door ons heen laten gaan, kunnen we er in
opgenomen worden. Als we wat schrikachtig zijn, zetten we juist meteen de
controlemachine aan om het eronder te houden. Eigenlijk moet we niets doen.
En daarmee bedoel ik dat de mechanische reacties tot zwijgen gebracht worden,
zodat dat wat wil opwellen z’n gang kan gaan. Dus niets doen is totaal de controle
opgeven, je mee laten nemen het onbekende in. God woont in Stilte; als we de
hele tijd aan het denken zijn of met onze emoties aan ’t jongleren, dan krijgen
we nooit de stilte in de gaten, noch de boodschap die daar in zit. Dus eigenlijk
moet je niet iets doen, maar je moet iets stoppen. Stoppen met de hele tijd die mindmachine draaiend te houden. Het is bizar: ieder vorm van beoefening, van iets proberen, is de ontkenning van wat er al Is. Als ik nu ervaar, nu, wat hier is, nu, dat is compleet, dat is volmaakt, dat is ‘t. En daar hoef ik niks voor te doen. Alles wat er gebeurt, ook de klanken die nu opklinken, die gebeuren daarin. Die verstoren het niet, die benadrukken het hooguit. Maar eigenlijk zijn ze overbodig, want het Is hier al, je bent het al. Feitelijk is ieder vorm van sadhana, van spiritual practice, een bezigheidje van de mind. Die dan zou moeten leiden tot het stoppen van de mind en het zich openbaren van het Zelf of Waarheid of hoe je dat noemen wil, maar zolang jij je sadhana nog aan ’t doen bent, gebeurt er niks, want die mind is nog bezig. En zolang die bezig is, kunnen er alleen dingen gebeuren die passen binnen het kader van die mind. Dus als er dan al een ervaring optreedt, is het een mindervaring. Iets wat jij je – bewust of onbewust – hebt voorgesteld. Terwijl de werkelijkheid het wegvagen van alle voorstellingen is. Dan is er alleen nog Dat wat Is. En dat heeft geen naam, je kunt er eigenlijk niks over zeggen. Hoe stiller we zijn we zijn, hoe ontvankelijker. Stil zijn is alles wat nodig is, dan neemt het andere het over. En dat verandert je dan van binnenuit. Dat hoef jij niet te doen. Dat kùn je zelfs niet eens; jij als denk-voel-ding bent tamelijk machteloos; je kunt hooguit in de weg zitten. Wat we denken te zoeken, daar bestaan we uit, daar lopen we in rond. Zonder dat kunnen we niet eens zien of denken of voelen of wat dan ook. Het is het eerste gegeven en het is het enige waar we over heenkijken. Het is ook het enige waar we geen moeite voor hoeven doen. Maar denken dat we moeite moeten doen. Dus mediteren we, doen we japa of iets dergelijks… het is allemaal voor de mind. We zijn van kinds af aan getraind om op bewegingen en op objecten te letten, dus verwachten we iets dat zichtbaar is. Maar het Zelf is Dat wat Ziet, niet iets dat gezien kan worden. Iedere keer als je heel even niks denkt, is het er. Maar je geheugen is niet gewend om een niet-object gade te slaan, te voelen. Het is daarvoor niet subtiel genoeg. Als je lang genoeg stil bent, dan wordt je zó sensitief, dat je het al aanwezige gaat ervaren. En eerst lijkt dat nog een dualiteit, omdat jij er bent en Dat ervaart; gaandeweg kom je erachter dat je die twee niet kunt scheiden: het is Een. Dan kom je tot de realisatie: Ik Ben Dat. Niet dat je dat dan roept natuurlijk. Het is gewoon evident. Dus, jij Bent Dat. Je hoeft niets te doen. Deze woorden klinken in iets, en dat iets doet geen enkele poging te begrijpen wat ik zeg, of het er al dan niet mee eens te zijn. Het Is gewoon, het heeft absoluut geen teaching nodig. Dat wat er al is, dat is de Werkelijkheid, dat wat je eigenlijk al bent. De rest is allemaal bedacht, gewoontes…
Nou moeten we er eigenlijk niks meer aan toevoegen, dan is het de perfecte opname…
Fragment van de cd: s, Satsang met Hans Laurentius. Heerenveen, 11 maart 2007
| home |